Verslag BVV Masters
14/6/26 : Lanaken = BVV Masters
ROBA … 2° beste team in Vlaanderen !
(met dank aan SVEN, want alle foto’s zijn van hem)
Als je in de hoogste afdeling zetelt, en daar mooi 2° wordt wanneer de 12 beste teams het tegen mekaar mogen opnemen, ja dan mag je deze boute uitspraak als openingstitel complexloos gebruiken.
Plaats van het gebeuren was het Limburgse Lanaken, waar de lokale atleten in hun eentje de provinciale eer moesten hooghouden. Vanuit het verre West-Vlaanderen was FLAC komen aanwaaien, en diens Oost-Vlaamse buren waren alweer het talrijkst vertegenwoordigd, met de komst van Vlierzele (VS), AV Lokeren, Rieme, Deinze, en Zwijndrecht. Of deze laatstgenoemden zich nu al werkelijk Oost-Vlaming voelen, sinds de fusie in 2025 met Beveren, durven we niet te stellen, maar dat ze samen met de bloedbroeders van Deinze hier de ganse dag in de gevarenzone zaten, is wel een vaststaand feit, en dus die 2 teams hebben finaal de trip naar de Maasvallei niet ongeschonden doorstaan. In 2027 zullen ze het één afdeling lager mogen gaan uitzingen, al brengt dat qua evenwicht nauwelijks zoden aan de dijk, daar we met STAX (vanuit de 2° A) en Oudenaarde (uit 2° B) alweer 2 Oost-Vlaamse teams op ons dak krijgen. In die 2°A wist de fusieclub STAX de 2 oeroude stadsrivalen KAAG en RCG netjes onder de knoet te houden, en dat doet ons als ROBA stiekem plezier, daar ze destijds in Betekom hun spreekwoordelijke mosterd kwamen halen, voor hun vernieuwde clubstructuur. Met AC Herentals, AVKA (Kontich Aartselaar), en RAM Mechelen blijft de provincie Antwerpen het aardig doen, daar binnen de masters-hiërarchie, maar ditmaal bleek dat onvoldoende om echt weerstand te bieden aan het oerdegelijk en sterke Vlaams-Brabantse blok bestaande uit DCLA en ROBA.
Voor beide teams, wijzelf en onze Leuvense vrienden, was 2022 een kantelmoment wat betreft de BVV voor masters. DCLA zat toen nog in 2° A-afdeling te klooien, en voor een club met zulke machtige atletiekgeschiedenis was dat natuurlijk een onaanvaardbare situatie. In Ninove kwamen ze met een frisse geestdriftige ploeg voor de pinnen, en forceerden daar de promotie naar de 1° en dus hoogste afdeling, waar ROBA trouwens al een tijdje onderdak vond. Alleen bleven wij wat op onze lauweren rusten, en in datzelfde jaar 2022 kostte ons dat in Lokeren bijna onze kop. Gans de dag door balanceerden we er op een degradatiepositie, en in extremis wisten we Looise en ADD nog te passeren. Daar in de kantine werd de belofte gemaakt dat dit niet meer mocht voorvallen, en het jaar nadien, voor eigen volk, was het al een heel stuk beter, met terug een 5° eindplaats. Wie daar al meteen een gooi naar de zege deed was de rood-witte armada van pakweg 16km verder, alleen nog het sterke Rieme, bleek toen nog een maatje te sterk. In 2024 was er echter geen houden meer aan, en pakte DCLA zonder pardon de titel, en waren ook wijzelf één plaatsje, naar 4, opgeschoven. Vorig jaar, in het hol van de Leeuw, maar dus dicht bij huis in Kessel-Lo, bleven onze provinciegenoten heer en meester voor eigen volk, en ‘bevestigden’ wij met alweer een 4° stek, netjes na Herentals en Rieme.
Met de komst van het ‘jonge’ trio Nina Lauwaert, Jan Van Den Broeck en Roel Jorissen hadden we dit jaar het wegvallen van Stefanie D’Haen (nu actief bij Lokeren) en Cedric VDPutte (nog niet geheel fit) weten op te vangen, en onze werpers en vrouwelijke spurters hadden de voorbije weken, in het bijzonder tijdens de nationale titelstrijd, fraaie dingen laten zien. Kortom het vertrouwen vooraf was groot dat we deze keer met een top-3 plaats zouden huiswaarts keren. Dat goede gevoel bleek niet onterecht, want een half uur later dan oorspronkelijk gepland weergalmde de eindstand doorheen de luidsprekers … Vlaams-Brabant boven, met DCLA als onbetwiste winnaar, 216p, en ROBA knap 2°, en dat met 189 punten. De nummer twee van vorig jaar, ACHL, bleef als derde steken op 171,5 punten, net voor Vlierzele, 171p. Het in 2002 en 2023 nog onklopbare Rieme, kwam via 156 punten ditmaal niet verder dan positie 6, nog achter Lokeren, dat 157,5 p bij mekaar wist te verzamelen. Deinze, 102p, en Zwijndrecht, 91p, zaten al van bij aanvang in slechte papieren, en ook FLAC, 119,5 punten, kende niet bepaald een rustige namiddag. RAM, 135,5 p, thuisploeg Lanaken, 144,5p, en AVKA, 155,5 p, daarentegen kwamen nooit echt in de problemen, maar meestrijden voor de echte knikkers zat er ook niet in.
Wij deden dat dus gelukkig wel, mede dankzij die 19 clubgenoten die allen knokten voor ieder punt. Ook ditmaal stelden onze werpers ons niet teleur, met ondermeer een schitterende 2° plaats van Karen Stalmans bij het speerwerpen, 27m41, goed voor 11 punten, en ook Lindsy Van Espen scoorde bijzonder fraai, met een knappe 3° plaats in de discuskooi, 28m26, en een 4° stek aan de kogelring, met een mooie 9m06 afstand bij haar eerste poging. Onze ‘nestor’ van de ploeg, Walter De Wyngaert (55 lentes jong), deed daar nog eens netjes 16 punten bij, via 2 maal een 5° plaats aan de kogelstand, 11m20 bij z’n eerste poging, en in de discuskooi, 31m37. Tussen de 2 competities door zijn die sterke mannen, met al wat jaren op hun teller, gezellig aan het keuvelen, en relativeren ze het gebeuren tot op de draad, maar éénmaal hun naam wordt afgeroepen kruipen ze meteen terug in die competitiemodus van weleer.
Over ‘weleer’ gesproken, ook onze nieuwkomer op het speernummer, Joris Vande Velde, moet in gedachte toch even terug zijn afgereisd naar een interclub-moment in het prille begin van ROBA, waar hij bij de jeugd, tijdens een BVV voor jongens (toen waren er nog geen ‘gemengde ploegen’),
3 nullen liet optekenen, en dat op een heel cruciaal moment… Met zijn fraaie 37m81-worp, gomde Joris deze traumatische jeugdervaring meteen weg, want zijn 7° plek bracht alweer 6 extra punten in het laadje.
Karen … Lindsy …
Walter … Joris …
Aan de andere zijde van de piste wist Niels Bruyninckx het clubrecord van Bernard Timmers te evenaren, door ook knap de 1m57 te overschrijden. Knap, hoe dat zijn trainingen van de voorbije weken toch altijd ‘lonend’ blijken ! Knap, beste Niels !
Niels … Petra …
Zijn mooie 5° plaats was goed voor een 8 punten bonus, en later op de dag zou Petra Kerkhofs aan diezelfde stand nog één extra punt toevoegen, waarvoor onze oprechte dank. ‘Jong bloed’ is welkom op dit onderdeel bij de dames, en hetzelfde geldt ook voor de spurtnummers bij de mannen. Michael Vermeylen hielp ons uit de nood, met een 14”11 en 27”60, en dat telkens met -1,2m/sec tegenwind. Michael kan als 42 jarige nog netjes uit de voeten op de 400m, 800m en 1500m, maar dat is natuurlijk een geheel andere wereld dan die 100m en 200m. Zijn clubliefde maakte ons alzo toch weer 6 punten rijker. Gelukkig beschikken we bij de dames over een Chiara Dua, een ontzettend lieve dame, maar eens ze in de startblokken kruipt daalt ze af in haar eigen ideale sportwereld, die van het spurtgebeuren. Op de 100m blies de wind met een – 1,7m/sec tegen, maar toch wist ze nog een 13”66 uit de benen te schudden, goed voor de 2° plaats, en dus 11 kostbare punten. Diezelfde score realiseerde ze trouwens ook op de dubbele afstand, en dat met een PR en nieuw clubrecord van 28”29 ! Respect, Chiara !
Haar trainingsmakker Marzena Kania verscheen voor ons aan de verspringbak, na eerst haar dubbele nationaliteit (Pools-Belgisch) te hebben moeten bewijzen op het secretariaat. Ze wist alvast met een 3m79 exact 4 punten voor ons binnen te halen, en dat via een 9° eindplaats. Haar mannelijke tegenhanger, Maarten Van Asselberghs, opende met een werkelijk schitterende eerste poging (technisch sterk, z’n beste in de reeks), maar er was een millimeter ‘afdruk’ zichtbaar in de mastiek. Bij zijn 3° beurt kreeg onze HERA-jeugdtrainer een 5m35 achter zijn naam, en die bleek finaal, als 4° alteet, netjes 9 punten waard.
Michael, op de 200m … Marzena en Maarten, beiden stijlrijk bezig …
Chiara, schitterend 2° op zowel de 100m als de 200m …
Gans die tijd stond DCLA geheel vooraan, en stilaan maar zeker nestelden wij ons in een veilige top-3 positie, tot grote vreugde van de supporters. En dan moesten onze puntenpakkers op de afstandnummers nog komen. Op de 800m verdedigde Myriam Juveyns onze clubkleuren, een dame die in een ver verleden als jonge atlete het rood-witte truitje om haar lende had, en dat op zeer succesrijke wijze uitstraalde. Nu staan er ondertussen al 51 kaarsjes op haar verjaardagstaart, en dan wordt het natuurlijk moeilijk opboksen tegen al die jonge dames, die nog als W35’er of W40’er door het sportieve leven stappen. Myriam haar 2’47”10 was hier goed voor alweer 3 extra punten, en ons teamleiders-duo Wim De Roover & Diziana Vangoidsenhoven namen die score met veel dankbaarheid aan. Ons tweetal ging geheel uit de bol toen ze het trio Nina Lauwaert, Jan Van Den Broeck en Pieter Verschoren bezig zagen. Nina zette zich meteen op kop van het 1500m-peleton, en één na één moesten ze de rol lossen, op de Rieme-atlete Katrijn Vande Riviere na. Nina wist natuurlijk maar al te goed dat deze kersverse 35’er met een PR van 4’24”93 (3 jaar terug) een kwaaie klant zou worden, temeer zij passief bleef meelopen, want ook op de 3000m en de 4x 100m diende ze immers de Rieme-kleuren nog te verdedigen. Op een kleine 250m van de meet plaatste ze haar te verwachten jump, en daar had onze knap presterende Nina geen gepast antwoord op. Met een chrono van 4’42”03 bracht onze mooi lopende dame uit St-Niklaas niet alleen 11 kostbare punten in het ROBA-laadje, maar stootte zo ook nog eens Melissa Van De Driessche uit de ROBA-recordtabel. Hetzelfde zagen we gebeuren op de 400m vlak voor de heren, waar Jan op zijn eentje (geen concurrenten gezien bij wijze van spreken …) een schitterende 52”54 op het scorebord wist te plaatsen. Luid aangemoedigd door vrouw Marjolein (hoe oud is die eigenlijk …?), de 4 trotse kinderen en dito schoonouders, haalde hij hier voor ons de 13 punten binnen, en dat met de 3° actuele jaarbesttijd bij de masters. Onnodig te zeggen dat Jan, net als Nina, hiermee zich in de ROBA-clubrecordtabel werkte ! Dikke proficiat aan beiden !
